010 - 263 06 70


  

Prinsjesdag 2026: fiscale voorstellen per 1 januari 2027

De maatregelen van het Belastingplan staan in verschillende wetsvoorstellen. De Tweede en Eerste Kamer moeten de wetsvoorstellen nog goedkeuren. Ze stemmen er in november en december over. Maar zoals u begrijpt, is de kans zeer groot dat er wijzigingen in de plannen komen. Wat zijn de belangrijkste voorstellen van het kabinet die op 1 januari 2027 moeten ingaan?


Verlaging overdrachtsbelasting woningen
Het kabinet wil de overdrachtsbelasting verlagen bij de aankoop van een woning waar de koper niet zelf in gaat wonen. Op 1 januari 2027 gaat deze overdrachtsbelasting dan van 8% naar 7%. Het gaat bijvoorbeeld om een woning die de koper gaat verhuren.


Afschaffen belastingvrije personeelskorting
Werkgevers kunnen hun personeel ieder jaar maximaal € 500 aan personeelskorting geven op eigen producten. Een supermarkt kan werknemers bijvoorbeeld korting geven op boodschappen. Met een maximum van 20% korting per keer.


Het kabinet stelt voor om deze belastingvrijstelling voor korting op producten uit het eigen bedrijf per 1 januari 2027 af te schaffen. Werkgevers kunnen hun personeel dan nog wel belastingvrije korting geven op eigen producten. Zij kunnen hiervoor de vrije ruimte van de werkkostenregeling (WKR) gebruiken. Werkgevers hoeven na de afschaffing van de belastingvrije personeelskorting geen aparte maximumbedragen meer bij te houden. Dit maakt de administratie makkelijker.


Bevriezen maximuminkomen voor pensioenopbouw
Het kabinet wil dat het maximuminkomen tot waar mensen fiscaal aantrekkelijk pensioen opbouwen (de aftoppingsgrens) zes jaar lang – van 2027 tot en met 2032 – hetzelfde blijft. Die grens groeit dan niet mee met de loonontwikkeling. De aftoppingsgrens blijft € 137.800. In 2027 hebben ongeveer 280.000 mensen met de aftoppingsgrens te maken. Omdat de lonen doorstijgen, loopt dit aantal op tot ongeveer 790.000 mensen in 2032.


Lagere belasting op aandelenopties start-ups en scale-ups
Heeft u een start-up of scale-up? U kunt uw werknemers met ingang van 2027 makkelijker belonen met aandelenopties. Met aandelenopties kunnen werknemers financieel meegroeien met uw bedrijf. Als de aandelen na een tijd meer waard zijn, kunnen zij die nog steeds kopen voor het oorspronkelijke bedrag.


Een start-up of scale-up is een bedrijf dat bijvoorbeeld:
• gericht is op snelle groei
• een verdienmodel heeft dat makkelijk kan groeien
• vernieuwende producten, diensten, processen of technologieën ontwikkelt of verbetert.


De belastingregels veranderen voor aandelen in start-ups en scale-ups en voor het geven van aandelenopties. De belangrijkste veranderingen zijn:


• Lagere belasting op aandelenopties: Uw werknemers betalen minder belasting over aandelenopties. Straks telt een kleiner deel van het voordeel uit aandelenopties mee voor de belasting. Dit maakt aandelenopties aantrekkelijker.
• Belasting op z’n laatst betalen bij verkoop: Uw werknemers betalen op z’n laatst pas belasting als zij de aandelen uit de aandelenoptierechten verkopen. Dit geeft (oud-)werknemers meer financiële ruimte.


Wilt u gebruikmaken van de nieuwe regels voor aandelenopties? Dan moet uw bedrijf erkend zijn als start-up of scale-up. Hiervoor gelden specifieke voorwaarden. U vraagt hiervoor een beoordeling aan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Voldoet uw bedrijf niet meer aan de voorwaarden? Dan moet u dit melden bij RVO.


Meewerkaftrek wordt minder en verdwijnt daarna
De meewerkaftrek gaat met 75% omlaag per 1 januari 2027. De meewerkaftrek stopt helemaal in 2030. U kunt de meewerkaftrek (onder voorwaarden) gebruiken als uw fiscale partner meewerkt in uw onderneming. U betaalt dan minder belasting over uw winst. Hoe hoog de meewerkaftrek is, heeft te maken met uw winst en het aantal uren dat uw fiscale partner meewerkt.


De verlaging van de meewerkaftrek ziet er zo uit:


• 525-875 meegewerkte uren: meewerkaftrek is nu 1,25% van de winst, vanaf 2027 is dat 0,313%
• 875 – 1.225 meegewerkte uren: meewerkaftrek is nu 2% van de winst, vanaf 2027 is dat 0,5%
• 225 – 1.750 meegewerkte uren: meewerkaftrek is nu 3% van de winst, vanaf 2027 is dat 0,75%
• 1.750 of meer meegewerkte uren: meewerkaftrek is nu 4% van de winst, vanaf 2027 is dat 1%.


Stakingsaftrek wordt minder en verdwijnt daarna
Als u stopt met uw onderneming (bijvoorbeeld door verkoop), dan kunt u daardoor stakingswinst hebben. U moet belasting betalen over deze stakingswinst. U kunt dan de stakingsaftrek gebruiken. Zo betaalt u minder belasting over de stakingswinst. De stakingsaftrek gaat per 1 januari 2027 omlaag van € 3.630 naar € 908. In 2030 stopt de stakingsaftrek helemaal.


Startersaftrek gaat omlaag en verdwijnt
Bent u startende ondernemer en hebt u recht op startersaftrek? Per 1 januari 2027 daalt de startersaftrek van € 2.123 naar € 10. Vanaf 1 januari 2028 bestaat de startersaftrek niet meer. Er is geen speciale regeling voor ondernemers die al een onderneming zijn gestart. Ook voor hen daalt de startersaftrek in 2027 en verdwijnt die in 2028.


Zelfstandigenaftrek verder omlaag
Heeft u recht op zelfstandigenaftrek? Het bedrag dat u mag aftrekken van uw winst wordt lager. In 2025 was de zelfstandigenaftrek nog € 2.470 en in 2026 is dat: € 1.200. In 2027 wordt de zelfstandigenaftrek verder afgebouwd naar € 900.


Maximum forfait innovatiebox gaat omhoog naar € 100.000
Heeft uw BV zelf innovaties ontwikkeld? Dan kunt u met de innovatiebox mogelijk belastingvoordeel krijgen over de winst uit deze innovaties. De innovatiebox is een fiscale regeling binnen de vennootschapsbelasting.


U kunt nu in bepaalde situaties de voordelen uit uw innovaties berekenen met een vast percentage (de forfaitaire regeling). U hoeft dan niet precies te berekenen welk voordeel de zelf ontwikkelde innovaties uw bedrijf opleveren. U mag voor dit voordeel uitgaan van 25% van de winst, met op dit moment een maximum van € 25.000.


Het kabinet wil het maximum forfait van de innovatiebox verhogen van € 25.000 naar € 100.000. Hierdoor kunt u meer belastingvoordeel krijgen via de innovatiebox.


Verlengen korting op accijns voor benzine en diesel
Het kabinet wil de huidige accijnsverlaging op benzine en diesel met 1 jaar verlengen tot eind 2027. In 2027 wordt het tarief van de benzineaccijns door de korting ongeveer € 0,85 per liter. Het tarief van de dieselaccijns wordt ongeveer € 0,55 per liter. Zonder de verlenging van de korting zou dat ongeveer € 1,03 voor benzine en € 0,67 voor diesel zijn. In 2028 gaat de korting omlaag. Vanaf 1 januari 2029 is er geen korting meer op de brandstofprijs.


Hogere bijtelling voor oude zakelijke auto (youngtimer)
Heeft u een oudere zakelijke auto (16 jaar of ouder) en gebruikt u de youngtimerregeling? De leeftijdsgrens voor de youngtimerregeling gaat veranderen:


• vanaf 1 januari 2027 geldt de regeling voor auto’s vanaf 17 jaar (in 2026 is dat vanaf 16 jaar)
• vanaf 1 januari 2028 geldt de regeling voor auto’s vanaf 20 jaar


De eerdere verhoging van leeftijd naar 25 jaar gaat niet door. Het kabinet bouwt de regeling geleidelijk af, zodat autobedrijven en ondernemers minder plotseling geraakt worden door stijgende kosten.


Met de youngtimerregeling geldt er voor oudere auto’s (youngtimers) een bijtellingspercentage van 35% over de waarde in het economisch verkeer (dagwaarde). Voor auto’s die geen youngtimer zijn, geldt een bijtellingspercentage van 22% of 25% (afhankelijk van de exacte leeftijd) over de cataloguswaarde. De bijtelling op basis van de dagwaarde is bij een youngtimer over het algemeen lager dan de bijtelling over de cataloguswaarde.


Als uw auto niet meer onder de regeling valt door de nieuwe leeftijdsgrens, dan betaalt u over het algemeen een hogere bijtelling.


De wijziging van de youngtimerregeling gaat naar verwachting in vanaf 1 januari 2027. Voor auto’s die al voor 2026 door dezelfde persoon werden gebruikt en die in 2027 17 jaar worden geldt overgangsrecht. Voor deze auto’s kan heel 2027 de youngtimerregeling worden toegepast.


Let op: De onbelaste reiskostenvergoeding is met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 verhoogd van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer. Dat is nu in een wetsvoorstel vastgelegd.

 


vorige pagina